De caravan is de titel van de roman waar ik nu aan werk. De basis voor het verhaal werd gevormd door een ingezonden brief in een vrouwenblad waarin een vrouw (anoniem) vertelde dat ze haar vriend een tijdlang stelselmatig had vergiftigd om hem vervolgens liefdevol te kunnen verzorgen. Vrienden en familie prezen haar om haar eindeloze toewijding, en langzaam aan begon de vrouw zich een Florence Nightingale te wanen - althans, dat verbeeld ik me.Hoewel ze zelf ook wel in de gaten had dat ze iets had gedaan dat eigenlijk niet kon - to say the least, besloot ze haar verhaal met de woorden dat ze eraan dacht het binnenkort allemaal aan haar vriend op te biechten. Ze had het idee dat hij het wel zou begrijpen.
Vooral dat laatste frappeerde me. Wat beweegt iemand om zoiets te doen? Welke stappen neemt iemand in zijn hoofd om uit te komen bij een gedachte als: hij begrijpt het wel. Dat je je omgeving weet te overtuigen is één ding, maar hoe overtuig je jezelf?
Het idee liet me maar niet los, en ik besloot het als basis te gebruiken voor een roman.
Het resultaat zal, hopelijk, eind 2010 uitkomen.
